Kosten kinderopvang per maand in 2026: wat betaal je na de kinderopvangtoeslag?

Wat dagopvang, bso en een gastouder per maand kosten bij gemiddeld gebruik, het uurtarief naast de maximum uurprijs, de kinderopvangtoeslag 2026 per inkomen in euro's per maand, wat er in 2027 en 2029 verandert en hoe je op je afschrift ziet wat je zelf betaalt.

De kosten van kinderopvang liggen in 2026 op gemiddeld € 11,62 per uur in de dagopvang en € 10,58 in de bso (ministerie van SZW, eerste kwartaal 2026); bij het gemiddelde gebruik van 92,5 en 44,1 uur per kind per maand is dat zo'n € 1.075 en € 467 per maand vóór toeslag. Met de maximale kinderopvangtoeslag van 96% (gezamenlijk toetsingsinkomen tot € 56.412, Rijksoverheid 2026) betaal je daarvan zelf ongeveer € 78 en € 44 per maand. Bij een toetsingsinkomen rond € 100.000 is dat voor dagopvang zo'n € 326 per maand (rekenvoorbeeld, eigen berekening). Over een heel jaar betaalden huishoudens met kinderopvangtoeslag in 2025 gemiddeld € 3.340 zelf, ongeveer € 278 per maand (CBS, voorlopige cijfers; per maand eigen berekening).

Hieronder staan de bedragen per opvangsoort en per inkomen, steeds met de formule erbij, zodat je ze kunt vervangen door je eigen uren en je eigen uurprijs. Alle bedragen per maand zijn rekenvoorbeelden op basis van officiële gemiddelden, geen prijzen van een bepaalde organisatie.

Kort antwoord: kosten kinderopvang per maand

  • Dagopvang (kinderdagverblijf): € 1.074,85 per kind per maand bij 92,5 uur; zelf € 77,63 bij 96% toeslag, € 325,89 bij 72,1% (rekenvoorbeeld met SZW-gemiddelden, eerste kwartaal 2026).
  • Bso: € 466,58 per maand bij 44,1 uur; zelf € 44,06 bij 96% toeslag.
  • Gastouder: € 633,65 per maand (0 tot en met 3 jaar, 72,5 uur) en € 360,26 (4 tot 12 jaar, 41,6 uur); zelf € 42,75 en € 21,20 bij 96% toeslag.
  • Kinderopvangtoeslag 2026: 96% van de maximum uurprijs tot een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 56.412, daarboven aflopend tot 36,5% voor het eerste kind (Rijksoverheid).
  • Per huishouden met toeslag: gemiddeld € 10.510 per jaar aan opvang, waarvan € 3.340 zelf betaald (CBS, 2025, voorlopig).

Het belangrijkste

  • 96% toeslag is geen 96% van je rekening: de toeslag rekent met de maximum uurprijs, in 2026 € 11,23 voor dagopvang, en wat je opvang daarboven vraagt, betaal je zelf (Rijksoverheid).
  • 63% van de toeslagouders betaalde in 2025 voor minstens één kind meer dan de maximum uurprijs; in Utrecht 82,0%, in Groningen 42,3% (CBS, voorlopig).
  • Het tweede kind is vaak goedkoper: boven € 56.412 krijgt een volgend kind een hoger percentage dan het eerste kind, het kind met de meeste opvanguren (Rijksoverheid, 2026; Besluit kinderopvangtoeslag).
  • Niet gratis, wel goedkoper: in 2027 gaat de toeslag omhoog, en vanaf 2029 wil het kabinet alle werkende ouders 95,6% van de maximum uurprijs vergoeden; het wetsvoorstel ligt bij de Raad van State (Rijksoverheid, 21 september 2026).
  • De toeslag komt vooraf: Dienst Toeslagen betaalt rond de 20e voor de volgende maand, bijvoorbeeld op 20 oktober 2026 voor november.

Wat kost kinderopvang per maand?

Bij gemiddeld gebruik kost dagopvang € 1.074,85 per kind per maand, bso € 466,58 en een gastouder € 633,65 (0 tot en met 3 jaar) of € 360,26 (4 tot 12 jaar), allemaal vóór toeslag. Dat zijn rekenvoorbeelden: het gemiddelde uurtarief dat organisaties in het eerste kwartaal van 2026 rekenden, keer het gemiddelde aantal uren per kind per maand, allebei uit de kwartaalrapportage van het ministerie van SZW (Eerste kwartaalrapportage kinderopvang 2026, gepubliceerd 14 juli 2026). Wat je daarvan zelf betaalt, hangt af van je toeslagpercentage.

OpvangsoortGemiddeld uurtarief (Q1 2026)Maximum uurprijs 2026Uren per kind per maandBruto per maandZelf bij 96%Zelf bij 72,1%
Dagopvang (kinderdagverblijf)€ 11,62€ 11,2392,5€ 1.074,85€ 77,63€ 325,89
Buitenschoolse opvang (bso)€ 10,58€ 9,9844,1€ 466,58€ 44,06€ 149,25
Gastouderopvang, 0 tot en met 3 jaar€ 8,74€ 8,4972,5€ 633,65€ 42,75€ 189,86
Gastouderopvang, 4 tot 12 jaar€ 8,66€ 8,4941,6€ 360,26€ 21,20€ 105,61

Rekenvoorbeeld (eigen berekening). Bruto = uren × gemiddeld uurtarief. Zelf = bruto − toeslag, met toeslag = uren × maximum uurprijs × percentage. 96% geldt in 2026 tot een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 56.412; 72,1% is het percentage voor het eerste kind bij € 99.890 tot en met € 103.694. Bronnen: SZW, Eerste kwartaalrapportage kinderopvang 2026 (tabellen 1 en 6), en Rijksoverheid, Bedragen kinderopvangtoeslag 2026.

Waarom betaal je ook bij 96% toeslag nog iets?

Ook met de maximale toeslag kost kinderopvang je altijd iets, om twee redenen. De toeslag dekt 96% van de maximum uurprijs, dus 4% daarvan betaal je zelf; Dienst Toeslagen schrijft dat je “altijd zelf een deel van de kosten” betaalt, de verplichte eigen bijdrage (Dienst Toeslagen, 2026). En wat je opvang boven de maximum uurprijs vraagt, telt niet mee: “Wat u meer betaalt, telt niet mee” (Dienst Toeslagen, maximale uurprijs). Van de € 77,63 die je bij gemiddelde dagopvang zelf betaalt, is € 36,08 het deel boven de maximum uurprijs en € 41,55 de 4% eigen deel (eigen berekening).

Mythe en werkelijkheid: 96% kinderopvangtoeslag

Mythe: met 96% kinderopvangtoeslag betaal je 4% van je rekening.

Werkelijkheid: je krijgt 96% van de maximum uurprijs vergoed, niet van de uurprijs van jouw opvang. Rekent je opvang € 11,62 per uur voor dagopvang, dan krijg je € 10,78 per uur (96% van € 11,23) en betaal je zelf € 0,84 per uur: ruim 7% van het tarief (eigen berekening met de bedragen van 2026).

Hoeveel ben je gemiddeld kwijt aan kinderopvang per jaar?

Een huishouden met kinderopvangtoeslag gaf in 2025 gemiddeld € 10.510 uit aan kinderopvang, waarvan 68% werd vergoed (CBS, 7 augustus 2026, voorlopige cijfers). Zelf betaalden ouders gemiddeld € 3.340: € 2.860 eigen bijdrage binnen de maximum uurprijs en € 480 voor kosten daarboven. Per maand is dat zo'n € 876 aan opvang en € 278 eigen bijdrage (eigen berekening, gedeeld door 12). Dat zijn bedragen per huishouden, niet per kind: een huishouden kan meer kinderen op de opvang hebben. Het vergoede deel steeg van 64% in 2023 en 65% in 2024 naar 68% in 2025.

Inkomensgroep (2025)Toeslag per jaarZelf binnen de maximum uurprijsZelf boven de maximum uurprijsZelf totaal
1e kwintiel (laagste inkomens)€ 9.560€ 770€ 420€ 1.190
2e kwintiel€ 8.940€ 940€ 380€ 1.320
3e kwintiel€ 8.010€ 1.700€ 370€ 2.070
4e kwintiel€ 6.780€ 2.910€ 430€ 3.340
5e kwintiel (hoogste inkomens)€ 5.720€ 5.250€ 700€ 5.950
Alle toeslagontvangers€ 7.170€ 2.860€ 480€ 3.340

Bron: CBS, Vergoeding kinderopvang verder gestegen in 2025 (per toeslagontvanger, 2025 voorlopig). De kolom “zelf totaal” is de som van de twee kolommen ervoor (eigen berekening).

De laagste inkomensgroep betaalde zo 11% van de totale kosten zelf, de hoogste 51% (CBS). Ook de laagste inkomens betalen dus mee, waarvan € 420 per jaar voor het deel boven de maximum uurprijs. Kom je met een laag inkomen moeilijk rond, lees dan de gids over rondkomen met een laag inkomen.

Wat kost 1 dag kinderopvang?

Een officiële prijs per dag bestaat niet: de toeslag en de statistieken rekenen per uur, en hoeveel uur je per dag afneemt, staat in je contract met de opvang, dat onder meer de uurprijs en het aantal opvanguren moet vermelden (Dienst Toeslagen, 2026). Stel dat een dag 10 uur telt: dan kost een dag dagopvang tegen het gemiddelde tarief € 116,20 (10 × € 11,62, eigen berekening). Eén vaste dag per week, 52 weken per jaar, is 43,33 uur per maand: € 503,53 bruto, en € 36,37 zelf bij 96% toeslag.

Dagopvang per weekUren per maandBruto per maandZelf bij 96%Zelf bij 72,1%
1 dag43,33€ 503,53€ 36,37€ 152,67
2 dagen86,67€ 1.007,07€ 72,73€ 305,34
3 dagen130€ 1.510,60€ 109,10€ 458,01

Rekenvoorbeeld (eigen berekening): uren per maand = dagen × 10 uur × 52 weken ÷ 12; tarief € 11,62 (SZW, eerste kwartaal 2026), toeslag met de maximum uurprijs van € 11,23 (Rijksoverheid, 2026). Een dag van 10 uur is een aanname, geen officiële daglengte. Neem je kortere dagen of minder weken per jaar af, reken dan met de uren uit je eigen contract.

Waarom betaal je bij de ene opvang meer dan bij de andere?

Omdat elke organisatie zelf haar uurprijs vaststelt: “De kinderopvang mag zelf de prijs per uur vaststellen” (Rijksoverheid, 2026). De toeslag is landelijk; het verschil zit vooral in wat je boven de maximum uurprijs betaalt. In 2025 betaalde 63% van de toeslagontvangers voor minstens één kind meer dan het maximum. In Utrecht was dat 82,0%, in Groningen 42,3% (CBS, voorlopige cijfers).

Die cijfers gaan over de gemeente waar de aanvrager woont, niet waar de opvang staat, en het zijn aandelen ouders, geen prijzen: een uurprijs per stad publiceert geen enkele officiële bron. De zes grote steden naast elkaar, met huur en lokale lasten erbij, staan bij hoe vaak ouders per stad boven de maximum uurprijs betalen. Rekent je opvang minder dan het maximum, dan krijg je toeslag over die lagere uurprijs (Rijksoverheid, 2026).

Wat betaal jij per maand aan de opvang?

Vraag het Martia in het Nederlands, bijvoorbeeld: “Hoeveel heb ik dit jaar per maand aan de kinderopvang betaald, en hoeveel kinderopvangtoeslag kwam er binnen?” of “Is de betaling aan de opvang sinds januari gestegen, en met hoeveel?” Het antwoord komt uit je eigen transacties, niet uit een gemiddelde. Leg het daarna naast de tabellen hierboven.

Praat met Martia

Uurtarief kinderopvang 2026: maximum uurprijs en gemiddeld tarief

De maximum uurprijs voor de kinderopvangtoeslag is in 2026 € 11,23 voor dagopvang, € 9,98 voor bso en € 8,49 voor gastouderopvang (Rijksoverheid, 2026). Organisaties rekenden in het eerste kwartaal van 2026 gemiddeld € 11,62, € 10,58 en € 8,74 (gastouder, 0 tot en met 3 jaar) of € 8,66 (gastouder, 4 tot 12 jaar), blijkt uit de kwartaalrapportage van het ministerie van SZW.

OpvangsoortMaximum uurprijs 2025Maximum uurprijs 2026Gemiddeld uurtarief Q1 2026Gemiddeld boven het maximum
Dagopvang€ 10,71€ 11,23€ 11,623,5%
Bso€ 9,52€ 9,98€ 10,586,0%
Gastouderopvang, 0 tot en met 3 jaar€ 8,10€ 8,49€ 8,743,0%
Gastouderopvang, 4 tot 12 jaar€ 8,10€ 8,49€ 8,662,0%

Bronnen: SZW, Eerste kwartaalrapportage kinderopvang 2026, tabel 6 (bron van de cijfers: Dienst Toeslagen, cijferbeeld april 2026), en Dienst Toeslagen, maximale uurprijs.

Het kabinet verhoogde de maximum uurprijzen voor 2026 met 4,84% (kabinet, april 2025). In 2022 waren ze nog € 8,50 voor dagopvang, € 7,31 voor bso en € 6,52 voor gastouderopvang (Dienst Toeslagen). Omdat de tarieven in de dagopvang en de bso minder hard stegen dan de maximum uurprijzen, is kinderopvang volgens SZW gemiddeld betaalbaarder geworden; in de gastouderopvang voor 0 tot en met 3 jaar groeide het verschil met het maximum juist, met 0,7 procentpunt. Een kanttekening van SZW zelf: Dienst Toeslagen controleert de opgegeven tarieven niet op een juiste weergave van de markt.

De regel voor de toeslag is eenvoudig. Rekent je opvang meer dan de maximum uurprijs, dan rekent Dienst Toeslagen met het maximum. Het voorbeeld van Dienst Toeslagen zelf: kost de bso in het kindercentrum € 11 per uur, dan worden je opvangkosten berekend met € 9,98, en telt € 1,02 per uur niet mee. Rekent je opvang minder dan het maximum, dan krijg je toeslag over die lagere uurprijs (Dienst Toeslagen, 2026).

Wat kost bso per maand?

Bso kost bij het gemiddelde gebruik van 44,1 uur per kind per maand en het gemiddelde tarief van € 10,58 per uur zo'n € 466,58 per maand vóór toeslag (rekenvoorbeeld met SZW-cijfers, eerste kwartaal 2026). Met 96% toeslag betaal je daarvan € 44,06 zelf, bij 72,1% € 149,25. De bso zit gemiddeld het verst boven de maximum uurprijs: 6,0%, tegen 3,5% in de dagopvang (SZW).

Onder bso valt voorschoolse en naschoolse opvang voor kinderen op de basisschool, en opvang in de schoolvakanties (Dienst Toeslagen, Informatieblad kinderopvangtoeslag 2026). Gaat je kind naar de basisschool en naar de bso, dan volgt een nieuw contract en krijg je alleen nog toeslag voor de bso, niet meer voor de dagopvang. Niet de vierde verjaardag beslist, maar die overstap: een kind van 4 dat nog niet naar school of de bso gaat, kan nog toeslag voor dagopvang krijgen (Dienst Toeslagen, mijn kind wordt 4). Voor tussenschoolse opvang (tso) krijg je geen toeslag.

Wat kost een gastouder?

Een gastouder rekende in het eerste kwartaal van 2026 gemiddeld € 8,74 per uur voor kinderen van 0 tot en met 3 jaar en € 8,66 voor kinderen van 4 tot 12 jaar, tegen een maximum uurprijs van € 8,49 (SZW; Rijksoverheid, 2026). Bij het gemiddelde gebruik van 72,5 en 41,6 uur per kind per maand is dat € 633,65 en € 360,26 per maand vóór toeslag, en € 42,75 en € 21,20 zelf bij 96% toeslag (eigen berekening).

Je betaalt een gastouder niet rechtstreeks, maar via het gastouderbureau. De bemiddelingskosten op de factuur van het bureau mag je meetellen in het uurtarief dat je opgeeft voor de toeslag (Dienst Toeslagen, 2026). Het voorbeeld van Dienst Toeslagen: kost buitenschoolse opvang bij een gastouder € 9 per uur, dan rekent de toeslag met € 8,49 en telt € 0,51 per uur niet mee.

Wat kost een kinderdagverblijf?

Een kinderdagverblijf (dagopvang) kost bij het gemiddelde gebruik van 92,5 uur per kind per maand en het gemiddelde tarief van € 11,62 per uur € 1.074,85 per maand vóór toeslag (rekenvoorbeeld met SZW-cijfers, eerste kwartaal 2026). De maximum uurprijs is € 11,23, dus bij dat tarief valt € 0,39 per uur buiten de toeslag. Met 96% toeslag betaal je € 77,63 per maand zelf, met 72,1% € 325,89 en met het laagste percentage voor een eerste kind, 36,5%, € 695,70 (eigen berekening).

Kinderopvang in 2026 in vier getallen

€ 11,23maximum uurprijs voor dagopvang waarmee de toeslag rekent (Rijksoverheid, 2026)
€ 11,62gemiddeld uurtarief in de dagopvang (ministerie van SZW, eerste kwartaal 2026)
63%van de toeslagontvangers betaalde voor minstens één kind boven de maximum uurprijs (CBS, 2025, voorlopig)
€ 3.340gemiddelde eigen bijdrage per huishouden met toeslag per jaar (CBS, 2025, voorlopig)

Bronnen: Rijksoverheid, Bedragen kinderopvangtoeslag 2026, Ministerie van SZW, Eerste kwartaalrapportage kinderopvang 2026, CBS, Vergoeding kinderopvang verder gestegen in 2025

Kinderopvangtoeslag 2026: tabel met percentages per inkomen

In 2026 krijg je voor elk kind 96% van de maximum uurprijs vergoed tot een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 56.412; daarboven daalt het percentage, tot 36,5% voor het eerste kind vanaf € 165.658 en 68,2% voor elk volgend kind vanaf € 235.698 (Rijksoverheid, 2026). De overheid vergoedt maximaal 230 uur per kind per maand, en het kabinet trok voor 2026 € 199 miljoen extra uit voor een hogere toeslag voor werkende ouders (Rijksoverheid, Bedragen kinderopvangtoeslag 2026). In het eerste kwartaal van 2026 gingen gemiddeld 930.000 kinderen met kinderopvangtoeslag naar de opvang (SZW).

De tabel hieronder zet tien van de 69 inkomensgroepen om in euro's per maand, voor een kind op de dagopvang met het gemiddelde gebruik van 92,5 uur en het gemiddelde tarief van € 11,62.

Gezamenlijk toetsingsinkomen 2026Eerste kindVolgend kindToeslag per maand (dagopvang, eerste kind)Zelf betalen per maand
tot en met € 56.41296,0%96,0%€ 997,22€ 77,63
€ 56.413 tot en met € 58.18495,5%95,6%€ 992,03€ 82,82
€ 61.896 tot en met € 65.69592,4%95,6%€ 959,83€ 115,02
€ 69.493 tot en met € 73.29290,5%94,6%€ 940,09€ 134,76
€ 80.892 tot en met € 84.69383,7%93,2%€ 869,45€ 205,40
€ 99.890 tot en met € 103.69472,1%90,5%€ 748,96€ 325,89
€ 118.964 tot en met € 122.85760,6%87,9%€ 629,50€ 445,35
€ 146.206 tot en met € 150.09246,5%84,4%€ 483,03€ 591,82
€ 165.658 tot en met € 169.54736,5%81,4%€ 379,15€ 695,70
€ 235.698 en hoger36,5%68,2%€ 379,15€ 695,70

Percentages: Rijksoverheid, Bedragen kinderopvangtoeslag 2026; de volledige tabel met alle 69 groepen staat daar en in Bijlage I van het Besluit kinderopvangtoeslag. De bodem van 36,5% voor het eerste kind staat in artikel 8, lid 3. Euro's: rekenvoorbeeld (eigen berekening), toeslag = 92,5 uur × € 11,23 × percentage; zelf = € 1.074,85 − toeslag.

Tussen de rijen loopt het percentage geleidelijk af. Voor het exacte bedrag in jouw situatie gebruik je de proefberekening van de Belastingdienst. Drie regels bepalen verder hoeveel je krijgt:

  • Je krijgt toeslag voor de uren in je contract, tot 230 uur per kind per maand. Uren die je overhoudt, mag je de rest van het jaar nog opmaken (Dienst Toeslagen, 2026).
  • Hoeveel uur je per maand werkt, maakt voor het aantal opvanguren niet uit, en ook niet of je werkt of studeert (Dienst Toeslagen).
  • Wel telt in hoeveel maanden de minst werkende ouder werkt (Rijksoverheid, 2026).

Is kinderopvang voor het tweede kind goedkoper?

Ja, boven een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 56.412: dan krijgt elk volgend kind een hoger percentage dan het eerste kind (Rijksoverheid, 2026). Bij € 100.000 is dat 90,5% tegen 72,1%. Het eerste kind is volgens artikel 3 van het Besluit kinderopvangtoeslag het kind met de meeste opvanguren; hebben de kinderen evenveel uren, dan het kind met de hoogste kosten. Dienst Toeslagen zegt het zo: “soms krijgt u dan een groter deel van de opvangkosten vergoed” (Dienst Toeslagen, 2026). Tot € 56.412 maakt het geen verschil: dan krijgt elk kind 96%.

Een rekenvoorbeeld: een gezin met een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 100.000 heeft één kind op de dagopvang en één op de bso, allebei met het gemiddelde gebruik. Het dagopvangkind heeft de meeste uren en is dus het eerste kind.

KindBruto per maandPercentageToeslag per maandZelf per maand
Dagopvang, eerste kind (92,5 uur)€ 1.074,8572,1%€ 748,96€ 325,89
Bso, volgend kind (44,1 uur)€ 466,5890,5%€ 398,31€ 68,27
Samen€ 1.541,43–€ 1.147,27€ 394,16

Rekenvoorbeeld (eigen berekening met de gemiddelden van SZW, eerste kwartaal 2026, en de percentages van 2026). Kreeg het bso-kind hetzelfde percentage als het eerste kind, dan betaalde dit gezin voor de bso € 149,25 in plaats van € 68,27 per maand.

Wat telt als toetsingsinkomen?

Je toetsingsinkomen is je verzamelinkomen als je belastingaangifte doet, en anders je belastbaar loon. Heb je een toeslagpartner, dan tellen jullie inkomens bij elkaar op (Dienst Toeslagen, 2026); daarom staat er in de tabel “gezamenlijk”. Voor de kinderopvangtoeslag geldt geen vermogensgrens, maar vermogen boven € 59.357, of € 118.714 met een partner, telt in 2026 als inkomen uit vermogen mee in je toetsingsinkomen (Dienst Toeslagen, 2026). Hoe dat bij huurtoeslag, zorgtoeslag en kindgebonden budget zit, staat bij de vermogensgrenzen voor toeslagen.

Wie krijgt kinderopvangtoeslag?

Je krijgt kinderopvangtoeslag als je aan deze voorwaarden voldoet (Dienst Toeslagen, voorwaarden en Informatieblad 2026):

  • Je werkt, ook in deeltijd, en heb je een toeslagpartner, dan werkt die ook. Een opleiding, inburgeringscursus of traject naar werk kan het werk vervangen.
  • De opvang staat in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK) en heeft een LRK-nummer. Dat kan een kinderdagverblijf zijn, een bso, een peuterspeelzaal (peuterschool) of een gastouder (Dienst Toeslagen, voor welke opvang).
  • Je hebt een schriftelijk contract met onder meer de uurprijs, het aantal opvanguren, de begin- en einddatum en de soort opvang.
  • Het kind staat op je adres ingeschreven, je krijgt kinderbijslag of betaalt mee aan het onderhoud van het kind, en het kind zit nog niet op het voortgezet onderwijs.
  • Je betaalt altijd zelf een deel, de verplichte eigen bijdrage, en je kunt met bankafschriften bewijzen dat je de opvang op tijd betaalde.

Heb je geen recht op toeslag, dan kan je gemeente soms bijdragen, bijvoorbeeld als opvang om sociale of medische redenen nodig is (Dienst Toeslagen, 2026).

Aanvragen, voorschot en terugbetalen

Je vraagt kinderopvangtoeslag aan via Mijn toeslagen zodra je het contract hebt getekend, en uiterlijk binnen 3 maanden nadat de opvang is begonnen; anders loop je geld mis (Dienst Toeslagen, 2026). Begint de opvang op 10 april 2026, dan vraag je uiterlijk 31 juli 2026 aan. Je vraagt één keer aan; een tweede kind geef je door als wijziging, en wijzigingen geef je binnen 4 weken door. De toeslag is een voorschot: na afloop van het jaar volgt een definitieve berekening, en heb je te veel gekregen, dan betaal je dat terug. Meestal komt dat doordat het inkomen hoger uitviel dan geschat, of doordat je minder opvanguren gebruikte dan opgegeven (Dienst Toeslagen).

Kosten kinderopvang berekenen in 5 stappen

De kosten van kinderopvang bereken je in vijf stappen: je uren per maand, het bruto bedrag, het vergoede uurtarief, de toeslag en wat je zelf betaalt. Bij elke stap staat een rekenvoorbeeld: een gezin met een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 100.000 en één kind dat drie dagen van 10 uur per week naar de dagopvang gaat, 52 weken per jaar (eigen berekening met cijfers van SZW en Rijksoverheid, 2026).

  1. Reken je uren per maand uit. Uren per dag × dagen per week × weken per jaar in je contract ÷ 12. Voorbeeld: 10 × 3 × 52 ÷ 12 = 130 uur. De toeslag vergoedt maximaal 230 uur per kind per maand.
  2. Reken het bruto bedrag uit. Uren × de uurprijs van jouw opvang. Voorbeeld met het gemiddelde dagopvangtarief: 130 × € 11,62 = € 1.510,60 per maand.
  3. Bepaal het vergoede uurtarief. Dat is je eigen uurprijs, maar nooit meer dan de maximum uurprijs: in 2026 € 11,23 voor dagopvang, € 9,98 voor bso en € 8,49 voor een gastouder. Voorbeeld: € 11,23.
  4. Reken de toeslag uit. Uren × vergoed uurtarief × jouw percentage uit de tabel hierboven; het eerste kind is het kind met de meeste opvanguren. Voorbeeld bij € 100.000: 130 × € 11,23 × 72,1% = € 1.052,59.
  5. Trek de toeslag af van het bruto bedrag. € 1.510,60 − € 1.052,59 = € 458,01 per maand zelf. Leg die uitkomst daarna naast wat er echt van je rekening naar de opvang gaat (zie wat je echt betaalt).

Met 96% toeslag zou hetzelfde kind € 109,10 per maand kosten (eigen berekening). Voor een exact bedrag met je eigen inkomen en uren gebruik je de proefberekening toeslagen van de Belastingdienst. Valt je inkomen hoger uit of gebruik je minder uren dan je opgaf, dan kan de definitieve berekening lager uitkomen en betaal je het verschil terug; dat zijn volgens Dienst Toeslagen de gewone redenen voor terugbetalen (Dienst Toeslagen).

Wordt kinderopvang gratis? Kinderopvangtoeslag 2027 en de plannen voor 2029

Nee, kinderopvang wordt niet gratis: in 2027 gaat de kinderopvangtoeslag omhoog, en vanaf 2029 wil het kabinet de toeslag vervangen door een subsidie aan de opvang, zodat alle werkende ouders 95,6% van de maximum uurprijs vergoed krijgen. Dat laatste is een plan, nog geen wet: het kabinet stuurde het wetsvoorstel in september 2026 naar de Raad van State (Rijksoverheid, 21 september 2026). Alles in dit deel is de stand van zaken op 16 oktober 2026.

Kinderopvangtoeslag 2027: wat er verandert

Voor 2027 verhoogt het kabinet de vergoedingspercentages met € 322 miljoen extra. Dat is minder dan eerder voorzien, maar volgens het kabinet krijgen de meeste ouders alsnog meer toeslag dan in 2026. Het maximale percentage is voorzien tot een gezamenlijk toetsingsinkomen van ongeveer € 72.000, tegen € 56.412 in 2026. Als voorbeeld noemt het kabinet een gezin met twee kinderen, een inkomen van twee keer modaal en twee dagen opvang: dat krijgt in 2027 ongeveer € 700 meer toeslag dan in 2026. Het wijzigingsbesluit ging met Prinsjesdag naar de Tweede en Eerste Kamer; een definitieve percentagetabel voor 2027 is er nog niet.

OpvangsoortMaximum uurprijs 2026Maximum uurprijs 2027 (voorlopig)Verschil per uur
Dagopvang€ 11,23€ 11,60+ € 0,37
Bso€ 9,98€ 10,31+ € 0,33
Gastouderopvang€ 8,49€ 8,77+ € 0,28

Bron: Rijksoverheid, 21 september 2026 (voorlopige cijfers, geïndexeerd). Dat is zo'n 3,3% hoger dan in 2026 (eigen berekening).

Vanaf 2029: een subsidie in plaats van de toeslag

In plaats van de kinderopvangtoeslag komt er volgens het plan vanaf 2029 een inkomensonafhankelijke subsidie die rechtstreeks naar kinderopvangorganisaties en gastouderbureaus gaat. Werkende ouders betalen dan nog een beperkte eigen bijdrage; Dienst Toeslagen spreekt van “een kleine, vaste eigen bijdrage” en schrijft dat er geen terugvorderingen bij ouders meer zijn (Dienst Toeslagen, nieuwe financiering kinderopvang). De vergoeding blijft, net als nu, alleen voor werkende ouders.

Het nieuwe stelsel gaat naar verwachting op 1 januari 2029 in, na de Raad van State, de Tweede Kamer en de Eerste Kamer. Het kabinet reserveert daarnaast € 240 miljoen voor gemeenten in 2029 tot en met 2038, voor gezinnen die extra hulp nodig hebben, en het stelsel kost vanaf 2029 zo'n € 9 miljard per jaar (Rijksoverheid, 21 september 2026).

Wat staat vast, wat is een plan? (16 oktober 2026)

  • Vast: de bedragen en percentages van 2026, met 96% tot € 56.412 en een maximum uurprijs van € 11,23 voor dagopvang.
  • Voorzien voor 2027: het maximale percentage tot ongeveer € 72.000 en voorlopige maximum uurprijzen van € 11,60, € 10,31 en € 8,77.
  • Plan voor 2029: een subsidie aan de opvang in plaats van de toeslag, met 95,6% van de maximum uurprijs voor alle werkende ouders; het wetsvoorstel ligt bij de Raad van State.

Wat betaal jij echt? Zo zie je het op je afschrift

Wat kinderopvang jou echt kost, is wat je aan de opvang betaalt min de kinderopvangtoeslag die binnenkomt. De tabellen hierboven rekenen met landelijke gemiddelden; je afschrift laat zien wat er bij jou gebeurt. Zo tel je het op, met wat wij de netto-opvangcheck noemen:

  1. Zoek de betalingen aan de opvang. Betaal je met een automatische incasso, dan staat die op je afschrift met de naam van de organisatie; wat er verder bij een incasso staat, lees je bij een incasso op je afschrift lezen. Bij een gastouder betaal je via het gastouderbureau, dus zoek je op de naam van het bureau.
  2. Zoek de toeslag. Dienst Toeslagen betaalt rond de 20e van de maand, voor de volgende maand: op 20 oktober 2026 voor november, op 20 november voor december en op 21 december voor januari 2027 (Dienst Toeslagen, betaaldatums). Sinds juni 2026 komt de toeslag van een Rabobank-rekening van Dienst Toeslagen; daarvoor was dat een rekening bij ING (Dienst Toeslagen, nieuw rekeningnummer).
  3. Tel een paar maanden bij elkaar op. Omdat de toeslag vooruit wordt betaald, vergelijk je beter een aantal maanden samen dan één kalendermaand. De betalingen aan de opvang min de ontvangen toeslag, gedeeld door het aantal maanden, is je eigen bijdrage per maand.
  4. Leg het naast de tabel. Ligt je eigen bijdrage hoger dan het rekenvoorbeeld bij jouw inkomen, kijk dan in je contract naar je uurprijs en je uren: alles boven de maximum uurprijs betaal je zelf.

Laat je de toeslag rechtstreeks aan de opvang uitbetalen, dan maak je zelf alleen het resterende deel over. In het voorbeeld van Dienst Toeslagen kost de opvang € 1.000 per maand, maakt Dienst Toeslagen € 800 over aan de opvang en maak je zelf € 200 over. Dat kan alleen als de organisatie daarvoor een overeenkomst met Dienst Toeslagen heeft, en niet als je kinderen tegelijk bij verschillende organisaties zitten (Dienst Toeslagen, toeslag aan opvang uitbetalen).

Kijk ook naar januari. Het gemiddelde uurtarief in de dagopvang lag in het eerste kwartaal van 2026 zo'n 4% hoger dan een jaar eerder (eigen berekening met cijfers van SZW). Is je betaling aan de opvang gestegen, vergelijk je nieuwe uurprijs dan met de maximum uurprijs van dat jaar. Bewaar je afschriften: je moet met bankafschriften kunnen bewijzen dat je de opvang op tijd betaalde (Dienst Toeslagen, 2026). Hoe je ze per bank ophaalt, staat bij je jaaroverzicht van de bank downloaden.

In je begroting hoort kinderopvang bij de vaste lasten; het bedrag dat telt, is je eigen bijdrage, niet het bruto bedrag. Hoe je de rest van het gezinsbudget inricht, lees je in het huishoudboekje voor een gezin met kinderen. Betalen jullie de opvang van twee rekeningen, dan kun je de kosten naar rato verdelen.

Vraag het Martia over je eigen afschrift

Martia is de AI waarmee je in het Nederlands over je geld praat. Je koppelt je betaalrekeningen via open banking; Martia kan je transacties daarmee alleen lezen, via Enable Banking, en verplaatst nooit geld. Daarna vraag je bijvoorbeeld:

  • “Hoeveel heb ik dit jaar per maand aan de kinderopvang betaald, en hoeveel kinderopvangtoeslag kwam er binnen?”
  • “Is de betaling aan de opvang sinds januari gestegen, en met hoeveel?”
  • “Hoeveel houd ik deze maand over nadat de opvang is betaald en de toeslag binnen is?”

Martia vraagt geen toeslag aan, rekent niet uit op hoeveel toeslag je recht hebt en stuurt geen meldingen als een bedrag verandert; je krijgt alleen een wekelijkse e-mail met observaties. Martia kost € 9 per maand in de App Store, heeft geen gratis versie en werkt als app op je iPhone of Android-telefoon en in de browser op je computer, met hetzelfde account. Hoe ver je transacties teruggaan, hangt af van je bank. Hoe zo'n koppeling werkt, lees je in wat is open banking en is het veilig.

Vraag Martia wat de opvang jou echt kost

Stel je vraag in het Nederlands, bijvoorbeeld “Hoeveel heb ik dit jaar aan de kinderopvang betaald, en hoeveel toeslag kwam er binnen?”, “Hoeveel houd ik deze maand over nadat de opvang is betaald en de toeslag binnen is?” of “In welke maand betaalde ik dit jaar het meest aan de opvang?” Je krijgt een antwoord op basis van je eigen transacties, zonder dat je zelf je afschriften hoeft door te zoeken.

Praat met Martia

Meer over uitgaven met kinderen

Veelgestelde vragen

Wat kost kinderopvang per maand?

Bij gemiddeld gebruik kost dagopvang in 2026 € 1.074,85 per kind per maand vóór toeslag: 92,5 uur tegen het gemiddelde tarief van € 11,62 per uur (rekenvoorbeeld met cijfers van het ministerie van SZW, eerste kwartaal 2026). Bso kost zo € 466,58 per maand (44,1 uur × € 10,58) en een gastouder € 633,65 voor een kind van 0 tot en met 3 jaar. Met de maximale kinderopvangtoeslag van 96%, die in 2026 geldt tot een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 56.412 (Rijksoverheid), betaal je zelf € 77,63 voor dagopvang en € 44,06 voor bso. Bij een toetsingsinkomen rond € 100.000 betaal je voor dagopvang € 325,89 per maand zelf. Je eigen bedrag hangt af van je uren, je uurprijs en je inkomen.

Wat kost 1 dag kinderopvang?

Een officiële prijs per dag bestaat niet: kinderopvang wordt per uur gerekend, en hoeveel uur je per dag afneemt, staat in je contract met de opvang. Stel dat een dag 10 uur duurt: tegen het gemiddelde dagopvangtarief van € 11,62 per uur (ministerie van SZW, eerste kwartaal 2026) kost die dag € 116,20 vóór toeslag. Eén vaste dag per week, 52 weken per jaar, is 43,33 uur per maand en € 503,53 bruto. Met 96% kinderopvangtoeslag, in 2026 voor een gezamenlijk toetsingsinkomen tot € 56.412, betaal je daarvan € 36,37 zelf; bij een toetsingsinkomen rond € 100.000 is dat € 152,67 (eigen berekening met de maximum uurprijs van € 11,23, Rijksoverheid 2026).

Hoeveel kinderopvangtoeslag krijg ik in 2026?

Dat hangt af van je gezamenlijke toetsingsinkomen, je opvanguren en je uurprijs. In 2026 krijg je voor elk kind 96% van de maximum uurprijs vergoed tot een toetsingsinkomen van € 56.412; daarboven daalt het percentage, tot 36,5% voor het eerste kind vanaf € 165.658 en 68,2% voor elk volgend kind vanaf € 235.698 (Rijksoverheid, 2026). De maximum uurprijs is € 11,23 voor dagopvang, € 9,98 voor bso en € 8,49 voor gastouderopvang, voor maximaal 230 uur per kind per maand. Voor 92,5 uur dagopvang is de toeslag bij 96% € 997,22 per maand en bij 72,1%, het percentage rond € 100.000, € 748,96 (eigen berekening). Een exact bedrag krijg je met de proefberekening van de Belastingdienst.

Wat is de maximum uurprijs kinderopvang in 2026?

De maximum uurprijs voor de kinderopvangtoeslag is in 2026 € 11,23 voor dagopvang, € 9,98 voor buitenschoolse opvang en € 8,49 voor gastouderopvang (Rijksoverheid, 2026). In 2025 was dat € 10,71, € 9,52 en € 8,10. De opvang mag zelf een hogere prijs vragen, maar de toeslag rekent met het maximum: “Wat u meer betaalt, telt niet mee”, schrijft Dienst Toeslagen. Organisaties rekenden in het eerste kwartaal van 2026 gemiddeld € 11,62 voor dagopvang en € 10,58 voor bso, 3,5% en 6,0% boven het maximum (ministerie van SZW). Is je uurprijs lager dan het maximum, dan krijg je toeslag over die lagere prijs. Voor 2027 zijn de voorlopige maximum uurprijzen € 11,60, € 10,31 en € 8,77.

Is kinderopvang voor het tweede kind goedkoper?

Vaak wel. Boven een gezamenlijk toetsingsinkomen van € 56.412 krijgt elk volgend kind in 2026 een hoger toeslagpercentage dan het eerste kind (Rijksoverheid). Bij een inkomen rond € 100.000 is dat 90,5% tegen 72,1%, en vanaf € 235.698 nog 68,2% tegen 36,5%. Het eerste kind is het kind met de meeste opvanguren (Besluit kinderopvangtoeslag, art. 3). Een rekenvoorbeeld bij € 100.000: één kind op de dagopvang en één op de bso, allebei met het gemiddelde gebruik, kosten samen € 1.541,43 per maand; de toeslag is € 1.147,27 en zelf betaal je € 394,16 (eigen berekening met cijfers van SZW, 2026). Tot € 56.412 maakt de volgorde niet uit: dan krijgt elk kind 96%.

Wat kost bso per maand?

Bso kost bij gemiddeld gebruik zo'n € 466,58 per kind per maand vóór toeslag: 44,1 uur tegen het gemiddelde tarief van € 10,58 per uur (rekenvoorbeeld met cijfers van het ministerie van SZW, eerste kwartaal 2026). De maximum uurprijs voor bso is in 2026 € 9,98 (Rijksoverheid), en bso-tarieven liggen gemiddeld 6,0% boven dat maximum, meer dan bij andere opvang. Met 96% kinderopvangtoeslag betaal je zelf € 44,06 per maand. Bij een gezamenlijk toetsingsinkomen rond € 100.000 is dat € 149,25 als het bso-kind je eerste kind is en € 68,27 als het een volgend kind is (eigen berekening). Onder bso valt opvang voor en na school en in de schoolvakanties.

Wat kost een gastouder per maand?

Een gastouder rekende in het eerste kwartaal van 2026 gemiddeld € 8,74 per uur voor kinderen van 0 tot en met 3 jaar en € 8,66 voor kinderen van 4 tot 12 jaar (ministerie van SZW). Bij het gemiddelde gebruik van 72,5 en 41,6 uur per kind per maand is dat € 633,65 en € 360,26 per maand vóór toeslag. De maximum uurprijs voor gastouderopvang is in 2026 € 8,49 (Rijksoverheid). Met 96% kinderopvangtoeslag betaal je zelf € 42,75 en € 21,20 per maand (eigen berekening). Je betaalt via het gastouderbureau, niet aan de gastouder zelf; de bemiddelingskosten op de factuur van het bureau mag je meetellen in het uurtarief voor je toeslag (Dienst Toeslagen, 2026).

Hoeveel ben je gemiddeld kwijt aan kinderopvang per jaar?

Een huishouden met kinderopvangtoeslag gaf in 2025 gemiddeld € 10.510 uit aan kinderopvang, waarvan 68% werd vergoed (CBS, voorlopige cijfers). Zelf betaalden ouders gemiddeld € 3.340 per jaar, zo'n € 278 per maand (eigen berekening): € 2.860 eigen bijdrage binnen de maximum uurprijs en € 480 voor kosten daarboven. Dat zijn bedragen per huishouden, niet per kind. De laagste inkomensgroep betaalde gemiddeld € 1.190 zelf, 11% van de kosten; de hoogste € 5.950, 51%. In 2025 betaalde 63% van de toeslagontvangers voor minstens één kind meer dan de maximum uurprijs. Wat jij zelf betaalt, vraag je Martia in het Nederlands: het antwoord komt uit je eigen transacties.

Wanneer wordt kinderopvang gratis?

Kinderopvang wordt niet helemaal gratis. Het kabinet wil vanaf 2029 de kinderopvangtoeslag vervangen door een inkomensonafhankelijke subsidie die rechtstreeks naar de kinderopvang gaat, zodat alle werkende ouders 95,6% van de maximum uurprijs vergoed krijgen en alleen nog een beperkte eigen bijdrage betalen (Rijksoverheid, 21 september 2026). Dat is een plan, geen wet: het wetsvoorstel ligt bij de Raad van State, en het nieuwe stelsel gaat naar verwachting op 1 januari 2029 in (Dienst Toeslagen). Eerder gaat de toeslag al omhoog: voor 2027 is het maximale percentage voorzien tot een gezamenlijk toetsingsinkomen van ongeveer € 72.000, tegen € 56.412 in 2026. Stand van zaken: 16 oktober 2026.

Krijg ik kinderopvangtoeslag voor de peuterspeelzaal?

Ja, als de peuterspeelzaal (ook wel peuterschool) geregistreerd is in het Landelijk Register Kinderopvang en een LRK-nummer heeft (Dienst Toeslagen, 2026). Dat geldt voor alle opvang: kinderdagverblijf, bso, peuterspeelzaal of gastouder. Zonder LRK-nummer kun je geen kinderopvangtoeslag aanvragen. Daarnaast moet je werken, en een toeslagpartner ook, of bijvoorbeeld een opleiding, inburgeringscursus of traject naar werk volgen, heb je een schriftelijk contract met onder meer de uurprijs en het aantal opvanguren, en betaal je altijd zelf een deel. Voor tussenschoolse opvang (tso) krijg je geen toeslag. Heb je geen recht op toeslag, dan kan je gemeente soms bijdragen, bijvoorbeeld als opvang om sociale of medische redenen nodig is.

Bronnen

  • Rijksoverheid (geraadpleegd oktober 2026). Bedragen kinderopvangtoeslag 2026 (maximum uurprijzen, 230 uur per kind per maand, percentagetabel 2026). rijksoverheid.nl
  • Ministerie van SZW (2026). Eerste kwartaalrapportage kinderopvang 2026 (gepubliceerd 14 juli 2026; tabellen op basis van Dienst Toeslagen, cijferbeeld april 2026). PDF, overzicht kwartaalrapportages
  • CBS (2026). Vergoeding kinderopvang verder gestegen in 2025 (7 augustus 2026; Landelijke Jeugdmonitor, voorlopige cijfers). cbs.nl
  • Besluit kinderopvangtoeslag, artikel 3, artikel 8 en Bijlage I (Kinderopvangtoeslagtabel 2026), geldend vanaf 1 januari 2026. wetten.overheid.nl
  • Dienst Toeslagen (geraadpleegd oktober 2026). Maximale uurprijs voor de kinderopvangtoeslag, Voor hoeveel opvanguren krijg ik kinderopvangtoeslag?, Hoeveel kinderopvangtoeslag kan ik krijgen? en Proefberekening toeslagen. maximale uurprijs, opvanguren, hoeveel toeslag, proefberekening
  • Dienst Toeslagen (geraadpleegd oktober 2026). Het inkomen dat telt voor toeslagen en Hoeveel vermogen mag ik hebben als ik toeslag krijg? toetsingsinkomen, vermogen
  • Dienst Toeslagen (geraadpleegd oktober 2026). Kan ik kinderopvangtoeslag krijgen?, Voor welke opvang krijg ik kinderopvangtoeslag?, Mijn kind wordt 4 en Kan ik kinderopvangtoeslag krijgen als ik niet werk? voorwaarden, welke opvang, kind wordt 4, niet werken
  • Dienst Toeslagen (2026). Informatieblad kinderopvangtoeslag 2026 (januari 2026). PDF
  • Dienst Toeslagen (geraadpleegd oktober 2026). Hoe vraag ik kinderopvangtoeslag aan?, Waarom moet ik kinderopvangtoeslag terugbetalen?, Toeslag aan de opvang laten uitbetalen, Betaaldatums toeslagen en Nieuw rekeningnummer Dienst Toeslagen. aanvragen, terugbetalen, aan opvang uitbetalen, betaaldatums, rekeningnummer
  • Rijksoverheid (2026). Kabinet zet belangrijke stap naar nieuwe financieringsstelsel kinderopvang (nieuwsbericht, 21 september 2026). rijksoverheid.nl
  • Dienst Toeslagen (geraadpleegd oktober 2026). Nieuwe financiering kinderopvang. overtoeslagen.nl
  • Rijksoverheid (2025). Kabinet zet nieuwe stap naar bijna gratis kinderopvang voor werkende ouders (nieuwsbericht, 25 april 2025; indexering maximum uurprijzen 2026). rijksoverheid.nl

Lees verder

Praat met Martia →Artikel van Martia — de AI met wie je in het Nederlands over je geld praat.